Kaartwaarden
Planning poker kaarten: welke waarden kiest je team?
De kaarten die op tafel liggen bepalen waar het gesprek over gaat. Getallen leiden tot een discussie over precisie, t-shirtmaten tot een discussie over categorieën, en uren tot een discussie over agenda's. Kies dus niet het deck dat je kent, maar het deck dat past bij de vraag die je stelt.
De decks naast elkaar
- Fibonacci 0 1 2 3 5 8 13 21 34
- Story points voor een scrumteam. De sprongen worden groter naarmate het werk groter wordt.
- Fibonacci (aangepast) 0 ½ 1 2 3 5 8 13 20
- Zelfde idee, maar met een halve en een 0,5 erbij voor teams die veel klein werk doen.
- T-shirt maten XXS XS S M L XL XXL ? ☕
- Grof werk waar getallen valse precisie geven: een epic, een kwartaalplanning.
- Machten van 2 0 1 2 4 8 16 32 64 ?
- Teams die denken in verdubbelingen, vaak infra- en platformwerk.
- Sequentieel 0-10 0 1 2 3 4 5 6 7 8
- Simpel tellen, prettig voor teams die net beginnen met schatten.
- Uren 0 ½ 1 2 4 8 16 24 40
- Taken en support, waar tijd wél de eenheid is.
- Risico Laag Gemiddeld Hoog Extreem ? ☕
- Refinement waar de vraag niet "hoe groot" maar "hoe onzeker" is.
- Ja / Nee Ja Nee ? ☕
- Snelle go of no-go: past dit nog in de sprint, doen we dit wel?
- Eigen kaarten 1 2 3 5 8 ? ☕
- Alles wat hierboven niet staat: businesswaarde, zekerheid, MoSCoW.
Waarom Fibonacci en niet 1 tot en met 10?
Omdat je bij groot werk toch niet nauwkeuriger kunt schatten. Het verschil tussen 1 en 2 punten is een echte vraag: is dit dubbel zo veel werk? Het verschil tussen 20 en 21 punten is een illusie: niemand weet dat. Door de gaten groter te maken naarmate de getallen groeien (1, 2, 3, 5, 8, 13, 21) dwingt de reeks je om te kiezen tussen "ongeveer 13" en "ongeveer 21", in plaats van te doen alsof je op één punt nauwkeurig bent.
Praktisch gevolg: als je team twijfelt tussen twee aangrenzende hoge kaarten, maakt de keuze niet uit. Twijfelt het tussen 3 en 13, dan is er iets anders aan de hand: dan begrijpt niet iedereen hetzelfde onder dat item.
Het vraagteken en het koffiekopje
In elk deck zitten twee kaarten zonder waarde. Het vraagteken betekent "ik kan dit niet schatten". Dat is geen zwakte maar informatie: iemand mist context die de rest wel denkt te hebben. Behandel het als een signaal om door te vragen, niet als een stem die je wegstreept. Het koffiekopje is een pauzeverzoek, en na een uur pokeren is dat vaker terecht dan je denkt.
T-shirtmaten omrekenen naar punten
Veel teams schatten een epic in maten en de losse items in punten. Een gangbare vertaling is XS=1, S=2, M=3, L=5, XL=8, maar de precieze getallen doen er minder toe dan de afspraak: leg de vertaling één keer vast en gebruik hem consequent. Reken punten niet terug naar uren. Dat is de meest gestelde vraag over story points en tegelijk de verkeerde: het hele idee van relatief schatten is dat je de omvang van werk vergelijkt zonder te beloven hoe lang het duurt.
Je eigen kaarten
Soms is de vraag helemaal geen omvang. Voor een portfoliosessie werkt een deck met businesswaarde (laag, midden, hoog, kritiek) beter, voor een risicoanalyse een zekerheidsschaal, en voor prioriteren MoSCoW. Bij het aanmaken van een room kies je "eigen kaarten" en typ je ze zelf, gescheiden door komma's. De rest van de room werkt hetzelfde: tegelijk kiezen, tegelijk omdraaien, verdeling zien.
Probeer een deck uit
Maak een room, kies een deck en wissel gerust halverwege: een ander deck gooit lopende stemmen niet weg.
Start een room